Leon de Winter

Ik heb een heilig geloof in mensen in witte jassen. Misschien is het meer bijgeloof dan geloof – maar ik weet dat wat vijftig jaar geleden onmogelijk was, nu een routine-ingreep is geworden. Mijn vader stierf aan een hartinfarct toen hij 53 was – ik denk dat hij het nu, met de juiste apparatuur in een ziekenwagen, had gered.

Er is nu veel dat die mensen in witte jassen kunnen doen om het leven langer in behoorlijke gezondheid te kunnen leiden. Daarbij hoort ook dat je weet wat er in je lichaam speelt of sluipt. Ik ben nu twee keer bij Prescan geweest, en de tweede keer was een paar weken geleden, maar liefst twee dagen. Ik ben nu eenenzestig, een bizar getal voor iemand die zich drieëntwintig voelt, en dan moet je, vind ik, regelmatig mensen in witte jassen in je hoofd en je borstkas en je buik laten kijken.

Ik vind dat tijdens de onderzoekingen zelf niet leuk. Maar ik wil graag heel lang bij mijn vrouw en kinderen blijven. Dus dan moet ik maar in die rotmachine liggen en toelaten dat stralen waarvan ik de namen niet eens ken dwars door mij heen jagen op zoek naar wat daar niet hoort.

‘Je wordt heel nederig van de aanblik van je binnenkant’

Het meest intrigerend zijn de gesprekken na afloop van de tests. Ik sprak artsen die me aan de hand van foto’s en analyses uitlegden wat ze in mijn ouder wordende lijf aan goede en minder goede dingen hadden aangetroffen. Ik zag de binnenkant van mijn schedel (verrassend: er zat wat in), ik zag mijn hart en longen en ingewanden. Je wordt heel nederig van de aanblik van je binnenkant. En het drukt je met de neus op het feit dat je er bent vanwege de wonderlijke samenwerking van al die onderdelen.

Ik wil het over een jaar of twee weer doen. Ik weet ‘t, het is een momentopname, maar toch wil ik dat moment kennen. Ik zag de hele complexe fabriek die mij in staat stelt te denken en te voelen en lief te hebben en gelukkig te zijn. Waanzinnig.

Bekijk het verhaal van Leon

Eens in de twee jaar een preventief medisch onderzoek

 
Vorige
Volgende
"Mijn vader overleed toen ik 11 was, in 1965 was dat."
"Vermoedelijk zou hij dat in deze tijd overleefd hebben."
"Mocht er iets zijn, dan wil ik de tijd hebben om daar wat aan te laten doen."
Vorige
Volgende